Actualiteit

Economisch strafrecht

Wetsvoorstel tot oprichting van een financieel parket: een structurele stap in de strijd tegen financiële criminaliteit

In het kader van de begrotingsbesprekingen eind 2025 besloot de federale regering werk te maken van de oprichting van een financieel parket. Dat zou zich toeleggen op de vervolging van ernstige economische, financiële, fiscale en sociale fraude en corruptie. Het aanvankelijk plan was om een volledig zelfstandig financieel parket op te richten naar het model van het Parquet national financier in Frankrijk. Die piste werd evenwel al snel verlaten en er is, voornamelijk om pragmatische redenen, voor geopteerd om het financieel parket te integreren in het bestaande Federaal Parket[1]. Daartoe werd recent namens de Arizona-meerderheid een wetsvoorstel ingediend[2], dat voor advies werd overgemaakt aan de Raad van State.[3] Deze bijdrage bespreekt kort de krachtlijnen van dit wetsvoorstel.

Een financieel parket binnen het Federaal Parket

Het voorstel voorziet in de oprichting van een financieel parket als een autonome sectie financiële criminaliteit binnen het Federaal Parket. Deze sectie wordt exclusief belast met de vervolging van ernstige financiële, economische en fiscale misdrijven, de georganiseerde sociale fraude en corruptie. De sectie bestaat uit tien federale magistraten (waarvan vier gespecialiseerd in fiscale zaken)[4] onder leiding van een financiële adjunct federale procureur.[5] Deze laatste wordt aangewezen door de federale procureur, op eensluidend advies van het College van procureurs-generaal, en is verantwoordelijk voor de interne werking van het financieel parket. Om de autonomie van het financieel parket te waarborgen, wordt onder meer bepaald dat de betrokken magistraten niet ingezet zullen worden in de andere secties van het federaal parket, ook niet in geval van crisis. De uitoefening van de strafvordering voor de inbreuken die onder de bevoegdheid van het financieel parket vallen, wordt door de federale procureur gedelegeerd aan de financiële adjunct federale procureur.

Met uitzondering van de misdrijven private en publieke omkoping[6], bevat het voorstel als zodanig geen specifieke misdrijven die onder de bevoegdheid van het financieel parket vallen. Artikel 144ter van het Gerechtelijk Wetboek, dat de lijst van misdrijven bevat waarvoor de federale procureur de strafvordering kan uitoefenen, wordt aangevuld met de eerder generieke noties “ernstige financiële, economische en fiscale misdrijven” en “de georganiseerde sociale fraude”. Deze ruime omschrijving laat toe dat in de praktijk een hele reeks misdrijven die thans onder de bevoegdheid van de procureurs des Konings vallen, in de toekomst door het financieel parket zullen worden behandeld (ongeacht of de misdrijven verschillende rechtsgebieden overschrijden of een internationale dimensie hebben). Te denken valt bijvoorbeeld aan witwas- en fiscale fraudedossiers. Het voorstel bepaalt dat de procureur des Konings, wanneer deze kennis neemt van de genoemde misdrijven, de financiële adjunct federale procureur hiervan ambtshalve informeert. Het komt vervolgens aan de federale procureur toe, op voorstel van en in overleg met de financiële adjunct federale procureur, om te beslissen of het dossier al dan niet wordt gefederaliseerd.

Gespecialiseerde onderzoeks- en correctionele rechters

Het wetsvoorstel beperkt zich niet tot het niveau van het openbaar ministerie. Ook bij de zetelende magistratuur worden aanpassingen doorgevoerd. Zo voorziet het voorstel in de aanduiding, binnen elk rechtsgebied van het hof van beroep, van één onderzoeksrechter (in Brussel wordt dit één Nederlandstalige en één Franstalige onderzoeksrechter) die gespecialiseerd is in misdrijven gerelateerd aan de ernstige economische, financiële en fiscale criminaliteit, de georganiseerde sociale fraude en corruptie (naar het voorbeeld van de reeds bestaande onderzoeksrechters gespecialiseerd in fiscale aangelegenheden[7]). Het financieel parket zal dossiers die onder zijn bevoegdheid vallen uitsluitend aanhangig kunnen maken bij dergelijke gespecialiseerde onderzoeksrechters. Deze laatsten zullen op hun beurt de zaken waarmee zij door het financieel parket worden belast bij voorrang moeten behandelen.

Voorts maakt het wetsvoorstel de oprichting van minstens één gespecialiseerde kamer verplicht in de rechtbanken van eerste aanleg waar een zetel van het hof van beroep is gevestigd. Dit beoogt een hoge mate van specialisatie in de behandeling van dossiers van ernstige economische, financiële en fiscale criminaliteit, de georganiseerde sociale fraude en corruptie. Rechtbanken die vandaag reeds over gespecialiseerde fiscale kamers beschikken, wordt de keuze gelaten om zulke kamers om te vormen tot een financiële kamer, dan wel om een nieuwe kamer op te richten naast de bestaande fiscale kamer. Deze specialisatie wordt doorgetrokken naar de hoven van beroep, waar een financiële kamer bij voorrang kennis dient te nemen van het hoger beroep in financiële strafzaken.

Besluit

Dit wetsvoorstel draagt zonder twijfel het potentieel in zich om een belangrijke en structurele stap voorwaarts te zetten in de aanpak van de financiële criminaliteit in ruime zin. Het voorstel heeft de verdienste om de nood aan expertise, specialisatie en continuïteit in de vervolging en berechting van deze misdrijven op een coherente manier te willen aanpakken. Het spreekt voor zich dat de doeltreffendheid van het financieel parket ook de nodige menselijke en financiële middelen veronderstelt.


[1]    Deze optie sluit aan bij wat in het federaal regeerakkoord (p. 154) van 31 januari 2025 reeds werd geopperd.

[2]    Wetsvoorstel van 11 mei 2026 houdende de oprichting van een financieel parket, als sectie financiële criminaliteit binnen het federaal parket, Parl.St. Kamer 2025-26, nr. 1536/01.

[3]    Het financieel parket zou volgens bepaalde media reeds in 2027 operationeel moeten zijn.

[4]    Dit brengt het kader van federale magistraten bij het Federaal Parket van 33 naar 44 magistraten.

[5]    Deze magistraten worden bijgestaan door tien fiscale ambtenaren en ondersteund door tien juristen met een financieel profiel.  

[6]    Artikel 487 en 638 van het nieuw Strafwetboek.

[7]    Zie artikel 79 Ger.W.

Comments are closed.